De formule
Hoe windchill wordt berekend
Windchill beschrijft hoeveel sneller wind warmte van blote huid wegvoert dan stilstaande lucht zou doen, uitgedrukt als de temperatuur van stilstaande lucht die even koud zou aanvoelen. De formule geldt alleen bij koude omstandigheden — ze gaat ervan uit dat er warmte uit het lichaam stroomt, wat op een warme dag niet de relevante natuurkunde is. De exponent op de windsnelheid (v^0,16) weerspiegelt dat het koelend effect van wind het sterkst is bij lage snelheden en trager toeneemt naarmate de wind harder wordt — de sprong van windstil naar een licht briesje maakt veel meer verschil in hoe koud het aanvoelt dan dezelfde sprong van harde naar nog hardere wind.
Waarom windchill niet gelijk is aan de werkelijke luchttemperatuur
Een windchill van −15 °C betekent niet dat de lucht zelf is afgekoeld tot −15 °C — een thermometer geeft nog steeds de werkelijke luchttemperatuur aan. Het betekent dat blote huid evenveel warmte verliest als in stilstaande lucht van −15 °C, en dat is het getal dat telt voor bevriezingsrisico en voor de keuze van kleding.
Uitgewerkt voorbeeld
Bij de standaardwaarden van 0 °C en 20 km/h wind komt de formule uit op een windchill van ongeveer −5,2 °C.
De uitkomst interpreteren
De formule is alleen betekenisvol bij luchttemperaturen van ongeveer 10 °C of lager en windsnelheden boven ongeveer 5 km/h — daaronder, of bij hogere temperaturen, is de berekening niet geldig en moet de uitkomst niet worden gebruikt. De formule gaat bovendien uit van blote huid; windchill is grotendeels irrelevant voor een lichaam dat volledig is bedekt met windwerende kleding.
Nee — windchill gaat specifiek over hoe snel een warm object (zoals huid, dat zelf warmte aanmaakt) warmte verliest aan bewegende lucht. Een onverwarmd object zoals een leiding of een geparkeerde auto bereikt uiteindelijk de werkelijke luchttemperatuur, ongeacht de wind, en niet de windchillwaarde.
Richtlijnen van meteorologische diensten wijzen doorgaans op een toenemend risico voor blote huid zodra de windchill onder ongeveer −25 °C komt, waarbij de tijd tot bevriezing snel korter wordt naarmate de waarde verder daalt — al spelen individuele factoren zoals kleding, doorbloeding en de duur buiten minstens zo'n grote rol als het getal zelf.